1. In de laatste decennia is het belang van het theorieonderwijs in het kunstonderwijs steeds toegenomen. De doorwerking van de conceptuele kunst in de jaren zestig en zeventig heeft een nieuwe nadruk gelegd op de rol van het denken in het artistieke proces. Sindsdien manifesteren kunstenaars/ontwerpers zich in toenemende mate als onderzoekers. De veranderingen die zich in de afgelopen twintig jaar ten gevolge van de informatierevolutie hebben voltrokken stellen nieuwe eisen aan het kunstenaarschap/ontwerperschap. Van hedendaagse kunstenaars/ontwerpers wordt verwacht dat zij zich effectief representeren en manifesteren op het culturele en maatschappelijke vlak.

        Het theorieonderwijs aan de KABK richt zich daarom op de volgende aspecten:
        • Het stimuleren van kritische (zelf-)reflectie en van het doen van onderzoek.
        • Het inzichtelijk maken van de complexe spanning tussen theorie en praktijk, taal en beeld.
        • De ontwikkeling van communicatieve vaardigheden, zowel schriftelijk als verbaal. Van de hedendaagse kunstenaar/ontwerper wordt niet alleen verwacht dat hij/zij het eigen werk weet te positioneren, te articuleren, in een bredere context, hij/zij moet ook in staat zijn om uit te leggen wat het belang is van kunst en ontwerpen voor de samenleving.
        • De kennis van en reflectie op het veld van de kunst en op de eigen positionering in het culturele en maatschappelijke veld.
        • De ontwikkeling van een theoretische benadering van het eigen werk en van instrumenten voor kritisch denken.
        • De ontwikkeling van onderzoeksvaardigheden.
        • Het stimuleren van de verkenning van een kunsthistorische en vakspecifieke context.